Academie Verloskunde Maastricht

Wat bevalt beter: thuis of (poli)klinisch?

Terug naar het overzicht

Uit deze studie kwam naar voren dat er een duidelijk verschil is in aantal kunstverlossingen en keizersneden tussen gezonde zwangere vrouwen die hun bevalling bij de verloskundige starten en gezonde zwangere vrouwen die hun bevallingen bij de gynaecoloog starten. Een dergelijk onderzoek was echter nog niet prospectief uitgevoerd. Dit was aanleiding om deze multicenter prospectieve cohortstudie op te zetten.

Begindatum: 2006
Einddatum: najaar 2016

Doel

Het doel van het onderzoek was het vaststellen van de verschillen tussen gezonde zwangere vrouwen die bij de verloskundige onder controle waren - met een geplande thuis- of poliklinische bevalling- en gezonde zwangere vrouwen die op eigen verzoek bij de gynaecoloog onder controle waren. Hierbij is gekeken naar interventies tijdens de bevalling en uitkomsten van de bevalling, maar ook naar karakteristieken, motivaties, voorkeuren, verwachtingen en ervaringen van vrouwen en hun partners.

Relevantie

Het onderzoek laat zien dat er verschillen zijn tussen vrouwen ten aanzien van de plaats van bevalling en hun motivaties en voorkeuren hiervoor. Vrouwen die thuis willen bevallen voelen zich thuis veilig en op hun gemak, terwijl vrouwen die in het ziekenhuis willen bevallen (bij de verloskundige of de gynaecoloog) op zoek zijn naar veiligheid en het vermijden van risico’s. Vrouwen die thuis willen bevallen hebben duidelijk minder kans op verwijzingen vanwege een medische indicatie tijdens de zwangerschap of bevalling en hebben hierdoor ook minder kans op medische interventies, zoals pijnbestrijding en inleiding van de bevalling. Ook tussen vrouwen en hun partners zitten duidelijke verschillen in hun voorkeuren voor de verloskundige zorg. Vrouwen willen graag betrokken worden bij de besluitvorming en willen graag een huiselijke sfeer. Partners, daarentegen, vinden het belangrijk dat pijnbestrijding beschikbaar is. Het onderzoek heeft geleid tot twee proefschriften.

van Haaren-ten Haken T, Hendrix M, Smits L, Nieuwenhuijze M, Severens J, de Vries R, et al. The influence of preferred place of birth on the course of pregnancy and labor among healthy nulliparous women: a prospective cohort study. BMC Pregnancy & Childbirth. 2015, 15:33

van Haaren-ten Haken T, Pavlova M, Hendrix M, Nieuwenhuijze M, de Vries R, Nijhuis J. Eliciting prefences for key attributes of intrapartum care in The Netherlands. Birth. 2014(41);2:185-194.

van Haaren-ten Haken T, Hendrix M, Nieuwenhuijze M, Budé L, de Vries R, Nijhuis J. Preferred place of birth: Characteristics and motives of low-risk nulliparous women in the Netherlands.<br />
Midwifery. 2012

Hendrix M. Shortpaper: Home or home-like hospital birth for low-risk nulliparae: does it matter? Verpleegkunde - Nederlands Vlaams Tijdschrift voor Verpleegkundigen 2011;26;34

Hendrix M, Pavlova M, Nieuwenhuijze MJ et al. Differences in preferences for obstetric care between nulliparae and their partners in the Netherlands: a discrete-choice experiment. Journal of Psychosomatic Obstetrics & Gynecology 2010;31: 243-251.

Hendrix M, Evers S, Basten M, Nijhuis J, Severens J. Cost analysis of the Dutch obstetric system: low-risk nulliparous women preferring home or short-stay hospital birth - a prospective non-randomised controlled study. BMC Health Services Research 2009;9:211.

Pavlova M, Hendrix M, Nouwens E, Nijhuis J, van Merode G. The choice of obstetric care by low-risk pregnant women in the Netherlands: Implications for policy and management. Health Policy 2009;93:27-34.

Hendrix M, Van Horck M, Moreta D, Nieman F, Nieuwenhuijze M, Severens J, et al. Why women do not accept randomisation for place of birth: feasibility of a RCT in the Netherlands. BJOG 2009;116(4):537-44.

Maassen M, Hendrix M, Van Vugt H, Veersema S, Smits F, Nijhuis J. Operative deliveries in low-risk pregnancies in The Netherlands: primary versus secondary care. Birth 2008;35:277-282.