Academie Verloskunde Maastricht

Kennis over fysiologische verloskunde versterken: AVAG, AVM, KNOV en verloskundig werkveld gezamenlijk aan de slag

Veel beschikbaar wetenschappelijk onderzoek is niet gericht op het versterken van de fysiologische verloskunde, maar op herkennen en behandelen van risico’s en complicaties.

Echter een fysiologische bevalling heeft voordelen voor moeder, kind en maatschappij. In het verloskundig werkveld is daarom een sterke behoefte aan ondersteuning bij het op de goede manier toepassen van wetenschappelijke inzichten en het vergroten van de kennis over de fysiologie. Om daar aan bij te dragen starten de Academie Verloskunde Maastricht (AVM, hogeschool Zuyd) en Academie Verloskunde Amsterdam en Groningen (AVAG, hogeschool InHolland) samen met de KNOV het vernieuwende project: ‘Passende zorg bij zwangerschap’. Dit tweejarige project wordt gefinancierd vanuit het NWO-onderzoeksprogramma RAAK-publiek voor de Nederlandse Hogescholen en gaat op 1 mei 2018 van start.

Het project bestaat uit twee parallel lopende onderdelen, waarin steeds nauw wordt samengewerkt met het verloskundige werkveld en met een cliëntvertegenwoordiger van de Geboortebeweging. In onderdeel één onderzoeken AVAG, AVM en KNOV samen met praktiserende verloskundigen, studenten en cliëntvertegenwoordigers op welke manier beschikbare kennis het best aangeboden kan worden aan het werkveld, en worden voor twee verloskundige onderwerpen kennisproducten daadwerkelijk ontwikkeld en geëvalueerd. Daarbij wordt gebruik gemaakt van beschikbare wetenschappelijke literatuur en richtlijnen. Daarnaast zullen dossiergegevens van verloskundigenpraktijken worden geanalyseerd om aanvullende kennis over de fysiologische verloskunde te verkrijgen. Hiervoor is de VeCaS database beschikbaar. VeCaS is de doorlopende registratie van de volledige dossiergegevens van cliënten van een aantal verloskundige praktijken gelieerd aan de AVM en de AVAG. Het bevat gedetailleerde informatie over het verloop van gezonde zwangerschappen en de geleverde zorg door verloskundigen.

Het tweede onderdeel is gericht op het versterken van EBM competenties van verloskundigen, ter ondersteuning van de dagelijkse zorg aan individuele cliënten en het multidisciplinaire overleg over lokale zorgafspraken en protocollen. Er wordt een training ontwikkeld die zal bestaan uit zowel face-to-face onderwijs en e-learning (blended learning). Deze training wordt vier keer aangeboden, twee keer aan een groep verloskundigen(praktijken) rondom de AVAG en twee keer aan een groep rondom de AVM en zal worden geëvalueerd op effectiviteit en toegankelijkheid voor praktiserende verloskundigen. In deze trainingsgroepen (Blended practice communities) wordt gebruik gemaakt van de kennisproducten die ontwikkeld zijn in het eerste onderdeel van het project. 

Na succesvolle ontwikkeling stelt de KNOV de kennisproducten en de training beschikbaar voor het verloskundige werkveld. De ambitie is om met dit project een doorlopend programma te ontwikkelen, waarin steeds nieuwe onderwerpen en trainingen worden aangeboden die ontwikkeld zijn in samenwerking tussen KNOV en de verloskunde academies.

Wilt u meer informatie over dit project, neem dan contact op met de coördinatoren Pien Offerhaus of Corine Verhoeven