verloskundige rollen
diverse1. medische professional
De verloskundige heeft als medische professional een belangrijke rol in de bevordering en bewaking van de reproductieve zorg. Zij heeft een zelfstandige beslisbevoegdheid binnen haar deskundigheid. Ze past risicoselectie toe en is in staat zorg te verlenen in acute situaties. Op systematische wijze verzamelt zij alle gegevens die zij hiervoor nodig heeft. Door voortdurend te observeren en te evalueren stelt zij de beoordeling, behandeling en besluitvorming daarover - waar nodig - bij.
De verloskundige als medische professional beschikt over een arsenaal aan wetenschappelijke kennis en inzichten die zij toepast in haar dagelijkse praktijk. Daardoor is ze in staat hoogwaardige zorg te verlenen en kritisch te evalueren. Tevens houdt zij deze kennis op peil. Hierdoor blijft zij deskundig en in staat haar zelfstandige beslissingsbevoegdheid gestalte te geven.
Ze is analytisch, werkt systematisch en is in staat kennis en handelen kritisch te beoordelen. Rekening houdend met haar deskundigheidsgebied en dat van anderen bewaakt ze de grenzen van haar zorgverlening. Via risicoselectie past zij, in het belang van de cliënt én het kind, doelmatige en effectieve zorgverlening toe. Ze stemt haar bevindingen af op de cliënt en verricht zorg op maat (de juiste zorg op de juiste plaats). Het gebruik van screening, preventie, diagnostiek en interventies weegt zij kritisch af tegen de mogelijkheden ervan. De verloskundige als medische professional levert effectieve en ethisch verantwoorde zorg. Ze handelt volgens de richtlijnen en standaarden van de beroepsgroep en is bekend met de standaarden en richtlijnen van andere beroepsgroepen die relevant zijn voor de verloskundige zorg. Zij baseert haar beleid op Evidence Based Medicine (EBM) en Best Practice. Zij is in staat beargumenteerd, onderbouwd en verantwoord af te wijken van de richtlijnen als dit noodzakelijk is, zoals in noodsituaties.
Om goed als medische professional te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Observeren en signaleren
De verloskundige signaleert, herkent en verwerft actief relevante informatie bij de cliënt, zodat zij op basis daarvan risicoselectie kan toepassen en verloskundig beleid kan bepalen. -
Probleemanalytisch vermogen
De verloskundige analyseert systematisch en onderbouwt probleemsituaties, zodat zij adequate oplossingen kan aanreiken voor mogelijke problemen in alle fasen van het reproductieve zorgproces. -
Efficiënt en doelgericht handelen
De verloskundige past zelfstandig, zorgvuldig en weloverwogen diagnostische- en beleidsopties toe, waardoor geen over- of onderbehandeling geboden wordt. -
Zelfstandigheid
De verloskundige neemt tijdens haar zorgverlening zelfstandig beslissingen, waarbij zij de verantwoordelijkheid draagt voor de professionele uitoefening van het vak. -
Besluitvaardigheid
De verloskundige neemt op het juiste moment adequate maatregelen, waardoor een optimale uitkomst van zorg mogelijk wordt. -
Evidence Based handelen
De verloskundige past op basis van wetenschappelijke argumenten, weloverwogen wetenschappelijke kennis en ontwikkelingen in het vakgebied toe in haar dagelijkse verloskundige beleid, waardoor er een goede balans ontstaat tussen haar klinische ervaring, de wensen van de cliënt en wetenschappelijke onderbouwing
2. coach en begeleider
De verloskundige als coach en begeleider begeleidt de cliënt bij het nemen van besluiten op reproductief gebied in de gehele reproductieve periode. De behoeften en wensen van de cliënt staan voorop, evenals het versterken van het vertrouwen van de cliënt in het eigen kunnen. De verloskundige begeleidt de vrouw het beste uit zichzelf te halen (empowerment). Ze biedt de cliënt begeleiding bij het verkrijgen van inzicht in eigen gevoelens en gedrag en zal haar toerusten en ondersteunen bij het nemen van (emotioneel geladen) beslissingen.
Om de rol van coach goed te vervullen dient zij in alle fasen van het zorgproces een vertrouwenspersoon te zijn voor de cliënt. Ze draagt zorg voor een laagdrempelig en veilig klimaat. Dit is van belang voor het verloop en de beleving van de zwangerschap en de baring of als er intieme of moeilijke kwesties rondom de zwangerschap aan de orde zijn. Ze begeleidt de cliënt in de onderkenning van haar problemen, bij psychosociale problemen en mogelijke oorzaken – en het onder woorden brengen daarvan. Als coach is de verloskundige voortdurend bezig met spiegelen, doorvragen, stimuleren motiveren en het geven en ontvangen van feedback. De verloskundige kenmerkt zich door haar openheid, oprechtheid, respect, luistervaardigheid, gespreksvaardigheid, empathie en vooral haar non-directiviteit.
De verloskundige fungeert ook als coach voor nieuwe beroepsbeoefenaren, studenten en stagiaires. Ze begeleidt studenten bij het ontwikkelen van inzicht, kennis en vaardigheid en bij het formuleren van leerdoelen. Ze creëert een klimaat, waarbij de student optimaal kan leren. Deze rol van coach en begeleider vraagt een geïnteresseerde en open houding, waarmee zij kritisch kan kijken naar eigen en andermans handelen. Ze beschikt over sociale vaardigheden waardoor zij in gesprek kan raken met de cliënt of de student over wat hen bezighoudt of verontrust. Ze brengt een leer- en/of besluitvormingsproces op gang dat leidt tot (nieuwe) keuzes.
Om goed als coach en begeleider te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Vraaggericht werken
De verloskundige verkrijgt via interactie de werkelijke wensen en behoeften van de betrokkene helder, zodat door een juiste balans tussen de wens van de cliënt en de eigen professionele standaard de juiste zorg op het juiste moment mogelijk wordt. -
Ontwikkelingsklimaat scheppen
De verloskundige creëert een ondersteunend en veilig klimaat voor de betrokkene, zodat de kracht en mogelijkheden van de betrokkene optimaal tot zijn recht kan komen. -
Stimuleren
De verloskundige stimuleert en coacht de betrokkene, zodat de betrokkene in staat wordt gesteld autonoom een keuze te maken en een beslissing te nemen.
3. voorlichter en counselor
De verloskundige in de rol van voorlichter is zich bewust van het belang van een goede gezondheid van vrouwen in hun reproductieve leeftijdsfase en meer in het bijzonder in relatie tot de zwangerschap(swens). Allerlei factoren kunnen immers de gezondheid van de vrouw, het kind en de uitkomsten van zwangerschap beïnvloeden. Steeds meer onderzoek onderbouwt de invloed van lifestyle en andere factoren op de uitkomsten van zwangerschap. De verloskundige kan risicogroepen identificeren en determinanten herkennen die de gezondheid van de vrouw in haar reproductieve periode beïnvloeden. Ze kan hier actief op ingrijpen met individuele of collectieve voorlichting die gericht is op gedragsverandering ter verbetering van de gezondheid van vrouwen en de kans op positieve uitkomsten van de zwangerschap. De verloskundige als voorlichter heeft ook een belangrijke maatschappelijke rol. Ze treedt op als belangenbehartiger voor de vrouw en haar gezondheid in de reproductieve fase. Daarnaast heeft zij ook een belangrijke taak als belangenbehartiger van het kind. Naar overheid, financiers van zorg, andere disciplines en richting media zal zij zich inzetten voor een zo optimaal mogelijk klimaat, waarbinnen de vrouw de gezondheid van haarzelf en haar kind kan bevorderen. Ze draagt haar kennisgebied uit via bijvoorbeeld deelname aan voorlichtingscampagnes voor een gezonde leefstijl en over het belang van borstvoeding.
De verloskundige als counselor helpt de zwangere bij het verzamelen en ondersteunt bij het ordenen van alle informatie, waarna zij in haar rol van coach de cliënt begeleidt in het maken van passende keuzes, die nauw aansluiten bij de wensen, behoeften en beleving van de cliënt. In haar rol als voorlichter beschikt de verloskundige over tal van communicatieve vaardigheden. Ze is in staat voorlichting te geven aan de individuele cliënt (en haar partner) en aan groepen cliënten over (onderdelen van) haar vakgebied en het belang van preventie. Ze maakt daarbij gebruik van de middelen en de methoden van kennisoverdracht. Ze neemt initiatief wanneer ze constateert dat voorlichting noodzakelijk is en kent de wegen waarlangs zij dit kan doen.
Om goed als voorlichter en counselor te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Inlevingsvermogen
De verloskundige leeft zich in en toont respect voor de gevoelens, wensen en behoeften van de cliënt, waardoor de cliënt zich begrepen voelt door, vertrouwen heeft in en zich gerespecteerd voelt door de verloskundige. -
Presentatie
De verloskundige zet zichzelf op een integere, betrokken, betrouwbare en toegankelijke wijze neer, zodat zij op een representatieve wijze haar professie vertegenwoordigt. -
Maatschappelijk bewustzijn
De verloskundige zet haar vakspecifieke deskundigheid breed in, zodat zij een bijdrage levert aan de gezondheid en het welzijn van de cliënt, het kind en de gemeenschap als geheel. -
Informatie overbrengen
De verloskundige biedt de individuele cliënt/cliëntgroepen op een zorgvuldige en begrijpelijke manier informatie aan die aansluit bij de betrokkene, zodat de cliënt op basis hiervan een autonome keuze kan maken en een beslissing kan nemen.
4. casemanager
De verloskundige neemt in de rol van casemanager het initiatief voor de organisatie van een samenhangend pakket van verloskundige zorg rond de cliënt, zodat de cliënt kwaliteit en continuïteit van zorg ervaart. De verloskundige fungeert hierbij als poortwachter.
De verloskundige streeft als casemanager naar optimale samenwerking en afstemming met cliënten, collega-verloskundigen en andere beroepsbeoefenaren binnen en buiten de eigen praktijk en het vakgebied. Voorgestelde wijzigingen in de samenwerking en de zorgketen toetst zij aan de wensen en verwachtingen die cliënten, beroepsbeoefenaren, zorginstellingen, verzekeraars en de overheid stellen. Ze verwijst adequaat door, waar nodig in overleg, en draagt bij aan effectieve interdisciplinaire samenwerking en ketenzorg. In de postnatale periode regelt de verloskundige de overdracht naar huisarts, het consultatiebureau en de jeugdgezondheidszorg. Als casemanager kent de verloskundige de betrokken spelers op het gebied van verloskundige zorg en ieders verantwoordelijkheden, rollen en bevoegdheden. In onduidelijke situaties organiseert zij, samen met betrokkenen, duidelijkheid over werkwijzen, werkzaamheden en (eind)verantwoordelijkheden. Hierbij werkt en beweegt zij zich binnen wettelijke kaders en mogelijkheden. Daarnaast maakt ze gebruik van mogelijkheden van taakherschikking en taakdelegatie. De verloskundige als casemanager heeft een prominente rol in de organisatie van de zorg rondom de cliënt. Dit vraagt van de verloskundige dat zij over de grenzen en belangen van het eigen beroep, het eigen team en de eigen praktijk kan kijken en werken. Ze neemt indien nodig zelf het voortouw voor samenwerking en afstemming. De verloskundige als casemanager dient te beschikken over een groot scala van sociale en onderhandelingsvaardigheden, overtuigingskracht, inzicht in de sociale kaart en een grote dosis doortastendheid om nieuwe wegen in te slaan en gestelde doelen te bereiken.
Om goed als casemanager te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Samenwerken/afstemmen
De verloskundige erkent het belang van de deskundigheid van andere zorgverleners in de zorgketen, werkt met hen samen en stemt zaken af, waardoor op een effectieve en efficiënte wijze de zorgverlening gestalte krijgt. -
Initiërend vermogen
De verloskundige kent en speelt adequaat in op nieuwe ontwikkelingen en nieuwe mogelijkheden, zodat optimale zorgverlening kan plaatsvinden.
5. innovator
De verloskundige zal in de rol van innovator permanent inspelen op de ontwikkelingen binnen de maatschappij en de stand van de wetenschap. Die ontwikkelingen en de kennis over het vakgebied staan niet stil. De verloskundige is als innovator steeds op zoek naar vernieuwingen ter verbetering van de kwaliteit van zorg. Ze maakt gebruik van de beschikbare middelen en bronnen en gaat op zoek naar nieuwe mogelijkheden of toepassingen. Ze vertaalt nieuwe, vakinhoudelijke inzichten naar de cliëntenzorg, de praktijkvoering en de organisatie van de zorg. Ze streeft naar vernieuwing en verbetering. Zij initieert, stimuleert en implementeert initiatieven op het gebied van kwaliteitsverbetering en samenwerking. Best Practice, kent ze en draagt ze uit. Ze participeert in onderzoeksprojecten, denkt mee over vernieuwingen in de opleidingspraktijk en stelt relevante gegevens beschikbaar. Ze neemt deel aan werkgroepen en bijeenkomsten om de deskundigheid van de beroepsgroep te bevorderen.
De verloskundige als innovator is een kritische beroepsbeoefenaar. Ze kijkt kritisch naar haar eigen beroepsuitoefening en die van anderen. Ze is in staat resultaten uit onderzoek kritisch te beoordelen en vanuit haar kennis en ervaring kritisch te kijken naar een onderzoeksopzet. Ze geeft feedback en staat open voor feedback van anderen en is bereid te investeren in haar eigen ontwikkeling en de ontwikkeling van anderen.
Om goed als innovator te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Leervermogen
De verloskundige neemt na analyse en beoordeling op basis van wetenschappelijke uitgangspunten (nieuwe) ideeën en ontwikkelingen in zich op, zodat zij zichzelf kan ontplooien en ontwikkelen. -
Creativiteit
De verloskundige bedenkt bij knelpunten in de zorgverlening oplossingen of nieuwe toepassingen, waardoor problemen en knelpunten opgelost worden en zij optimale zorg kan verlenen. -
Abstraheren en conceptueel denken
De verloskundige maakt gebruik van concepten en theorieën, zodat zij een bijdrage kan leveren aan de theoretische fundering en kwaliteit van het vakgebied. -
Dissimineren
De verloskundige draagt, zowel schriftelijk als mondeling, nieuwe ideeën en ontwikkelingen uit ten behoeve van de beroepsgroep en andere medische professionals. -
Verandering zoeken en introduceren
De verloskundige voert innovaties in op basis van een analyse van haar huidige werkwijze.
6. praktijkmanager
Voor haar rol als praktijkmanager treedt de verloskundige op als ondernemer, coördinator, organisator en beheerder van de praktijk en de cliëntenzorg. Zij bewaakt de kwaliteit, doelmatigheid en doeltreffendheid van de zorgverlening. Ze ziet toe op de naleving van wettelijke kaders voor beroepsuitoefening en praktijkvoering. Ze heeft een duidelijke visie op haar zorgverlening en hanteert hierbij een lange termijn strategie. Ze vervult haar rol op het gebied van verantwoord werkgeverschap, facilitaire zaken, administratie etc. door ervoor te zorgen dat werkzaamheden op dit gebied op een correcte manier worden uitgevoerd. Ze ziet toe op en stimuleert de professionele ontwikkeling van collega’s en medewerkers.
De rol van praktijkmanager vraagt van de verloskundige een groot scala aan competenties. Ze zal het overzicht moeten kunnen houden, ze zal moeten leiden en sturen, ze zal zakelijk, doelmatig en doelgericht moeten kunnen werken en handelen. Ze is in staat werkzaamheden adequaat te organiseren, te verdelen en te delegeren en toe te zien op de beroepsuitoefening van andere beroepskrachten. Ze is in staat personeelsmanagement uit te voeren en vorm te geven aan goed werkgeverschap en ondernemerschap.
Om goed als praktijkmanager te kunnen functioneren, beschikt de verloskundige over de volgende competenties:
-
Leiding en sturing geven
De verloskundige geeft richting en sturing aan haar werksituatie, zodat optimaal functioneren van de praktijk, goed werkgeverschap en optimale zorgverlening aan de cliënt is gewaarborgd. -
Plannen en organiseren
De verloskundige zet mensen en middelen op de juiste wijze in, zodat resultaten en kwaliteit van zorg langs optimale weg bereikt kunnen worden. -
Overtuigingskracht
De verloskundige verwerft op een overtuigende wijze steun voor haar (nieuwe) plannen en ideeën, zodat collega’s en andere betrokkenen ermee instemmen en er ook achter gaan staan.
Niet alle rollen en competenties zijn even relevant voor een specifiek werkproces.
Door de werkprocessen en de competenties te combineren, heeft de AVM haar einddoelen per werkproces beschreven. Een meer uitgebreide beschrijving hiervan is te vinden in het document ‘Kader voor de opleidingscompetenties van de AVM-Zuyd’. Hierin is ook een meer gedetailleerde beschrijving te vinden van hoe het curriculum en de einddoelen passen binnen de externe eisen die aan de opleiding gesteld worden.








